Bernard Reuvekamp 1894-1971 (2)
Bernard Reuvekamp 1894-1971 (2)
Bernard Reuvekamp 1894-1971 (2)

Gezinsuitbreiding
Bernard en Lei krijgen twaalf kinderen. Vier vóór de tweede wereldoorlog*, vier tijdens de oorlog en vier erna. Zeven zonen en vijf dochters. 
Alle kinderen worden thuis geboren. Tijdens de bevalling en de kraamtijd wordt de moeder normaal gesproken geholpen door buurvrouwen, maar omdat Lei hen nog niet zo goed kent, wil ze dat niet. Bovendien is Lei’s moeder ervan overtuigd dat een zwangere vrouw met één been in het graf staat. Een mening die wordt gedeeld door haar overbezorgde schoonvader Jans, wiens vrouw Joanna in het kraambed is gestorven. 
Al met al reden genoeg voor Lei om bij elke bevalling assistentie van de huisarts te vragen. Ook tijdens haar zwangerschappen staat ze bij hem onder controle, iets wat in 1936 nog niet gewoon is. Bovendien kiest ze voor een professionele kraamverzorgster, een destijds nieuw beroep.

Voor de geboorte van het eerste kind, in februari 1937, is de wieg al wel gekocht, maar omdat er in die tijd nog wel eens wat mis gaat bij een bevalling, wordt hij pas gebracht nadat het kind is geboren. Baby Annie ligt de eerste dag van haar leven dan ook op een leunstoel.

De wieg waarin alle twaalf kinderen van Bernard en Lei hebben gelegen, en daarna enkele klein- en zelfs achterkleinkinderen (in totaal achttien baby’s).

Alle twaalf kinderen liggen in deze wieg. Lei kiest voor roze bekleding. Dat vindt ze mooi kleuren bij het gezichtje van een baby.
Bij elke nieuwe baby verhuist het laatste kind dat nog in de wieg ligt naar een ledikant dat Bernard zelf heeft gemaakt. Een bedje met hoge randen, zodat de peuter er niet uit kan klimmen.

Na de geboorte van een kind is het gebruikelijk dat de moeder tien dagen het bed houdt en dat is voor Lei meteen haar jaarlijkse ‘vakantie’. Ze is erg gek met haar baby’s, ze keuvelt en tut er de hele dag mee rond. Soms is ze zo druk met hen aan de praat dat Bernard denkt dat er bezoek is.
Kort na de geboorte van Annie koopt Lei een fototoestel. Ze vindt het jammer dat er van haar eigen jeugd geen foto’s zijn en daarom legt ze van haar kinderen zoveel mogelijk vast.

(wordt vervolgd)

*Over de tweede wereldoorlog vertel ik in een latere aflevering van het familieverhaal.

Bronnen:
– Braakman-Reuvekamp, M. (1988). Genealogie Reuvekamp. Zwolle: Uitgave in eigen beheer
– Groote Schaarsberg-Reuvekamp, A. (2010). Verhalen van vroeger. Een persoonlijke terugblik. Uitgave in eigen beheer
– Foto’s: archief familie Reuvekamp

In onderstaand veld kunt u zoeken op naam of trefwoord:

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *